In mijn tuin ontdekte ik iets heel vreemds.
Op het eerste gezicht leek het een lang, kronkelend touw dat op het gras lag, alsof het er expres was neergelegd. Maar toen dacht ik: « Wat als het een slang is?! » Mijn hart begon sneller te kloppen.
Ik greep meteen mijn telefoon, maakte een foto en liep vol energie dichterbij. Elke stap voelde stijf; de gedachte aan iets gevaarlijks was vreselijk.

Toen ik dichtbij genoeg kwam om te kijken, werd ik overvallen door afschuw. Er was geen touw. Het was ook geen slang. Voor me kroop een langzaam voortbewegende colonne van ongeveer 150 rupsen, die ik uiteindelijk telde!
Ze bewogen zich in een rechte lijn, dicht op elkaar gepakt, alsof ze geleid werden door een onzichtbare leider. Ik had geen idee dat zoiets mogelijk was, laat staan in mijn eigen tuin!
Waar gingen ze heen? Waarom zijn er zoveel? Deze vragen blijven maar door mijn hoofd spoken. Sommigen denken dat het verplaatsen van rupsen in groepen roofdieren kan afschrikken. Misschien kunnen ze op die manier makkelijker voedsel vinden.